|
|
Toespraak van de President van
de Republiek Suriname,
Z.E. Drs. Runaldo Ronald Venetiaan, t.g.v. de viering van
140 jaar “Keti Koti”, op 01 juli 2003.
----------------------------------------------------------------------------
Excellenties,
Dames en Heren,
1 Juli 1863 staat in onze geschiedenis gemarkeerd als de datum van de
afschaffing van de slavernij in Suriname. Deze mededeling vertegenwoordigt
in al haar eenvoud een zeer ingrijpende gebeurtenis, zeker voor ons die er
nu, eeuwen later, en vooral achteraf naar kijken. Voor de bevolking van
toen, is er natuurlijk sprake geweest van een groeien naar die mijlpaal,
inclusief de vragen en onzekerheden waar men zich voor gesteld zag.
Uit de annalen is ons bekend, wat slavernij betekent. Onvrijheid,
onderdrukking, uitbuiting, bruut lichamelijk geweld, geestelijke en
sociale ontworteling, ontkenning van de menselijke waardigheid.
In deze negatieve opsomming ligt tegelijk het belang geformuleerd van deze
belangrijke dag.
De geneigdheid om al het kwaad dat in slavernij zijn belichaming vindt, te
vergeten mag nooit de ruimte krijgen, niet in de eerste plaats om de
liefde voor de waarheid, om de verklaring van veel dat daarop gevolgd is
en om de verantwoordelijkheid van de schuldigen, maar vooral om de
overtuiging dat ons Volk nooit meer enig aandeel zal mogen hebben in dit
kwaad: slavernij.
Wij hoeven niet de gehele geschiedenis te beschrijven van het langzame
genezingsproces van 1863 tot nu. Er zijn genoeg verhalen daarover, genoeg
ervaringen uit eigen belevenis.
Wat wij wel nodig hebben, is het besef dat slavernij ons nooit meer mag
overkomen, nooit meer in welke rol dan ook voor ons daarbij zou zijn
weggelegd, nooit meer in welke vorm dan ook.
Ook in onze moderne tijden is er niets wezenlijk goeds te halen uit
broederverraad, uit roof en verkrachting, uit verdeel en heers, uit
diefstal van de vruchten van de arbeid van een ander, vernietiging van de
waardigheid van een andere man, van een andere vrouw.
Natuurlijk zullen er reacties zijn, die zeggen dat de slavernij de daders
van toen tastbare voordelen heeft gebracht, in de vorm van rijkdommen voor
hen persoonlijk en voor de naties die zij vertegenwoordigden.
De boodschap “NOOIT MEER SLAVERNIJ” is in de eerste plaats voor de
potentiële slachtoffers in het Suriname van vandaag, waar splijtzwammen
proberen hun werk te doen, scheiding te brengen tussen de kinderen van de
kust en de kinderen van het bos, scheiding te brengen tussen etnische
groepen, tussen generaties, broeders en zusters.
Vandaag op “KETI KOTI DEY”, speciaal voor de kinderen van de afrikanen:
Laat je niet pakken, laat je niet inpakken. De strijd voor de vrijheid is
gevoerd in de jungle en in de stad. In het bos richtten de jagers hun
musketten op de marrons, in de stad zijn de tongen niet voor niets
afgesneden, de armen niet voor niets afgehakt, de zwarte helden niet voor
niets levend verbrand.
Laat je niet inpakken Afrikan Srananman, Afro, Malata, Lay Ab, Dogla, Afu
Ingi, Af Yampanesi, Basra Afrikan.
Laat je niet inpakken Surinamer.
Misschien is het goed vandaag op “140 JAAR KETI KOTI” iets te vertellen
van de tori’s, de legendes van de oude afrikanen en onszelf de les daaruit
voor te houden.
Tientallen krijgers van het vasteland van Afrika waren uitgenodigd om aan
boord te gaan van een schip van de blanken, dat voor anker lag in één van
de havens van het Zwarte Continent. De krijgers werden verwend. Er was een
overvloed aan drinken en eten. Maar toen het tijd was om te vertrekken
bleek,dat het schip was weggevaren tot op de zee.
Zij die zich onthouden hadden en niet genoten hadden van het zout van de
blanke man, richtten zich op en vlogen de vrijheid tegemoet. De krijgers
die zich tegoed gedaan hadden aan het zout van de blanke, konden niet meer
opstijgen. Zij bleven gevangen op het schip van hun onderdrukking.
Dit is de boodschap voor alle
Surinamers:
IN ONZE ONAFHANKELIJKHEID VAN GEEST,
LIGT DE KRACHT VAN ONZE VRIJHEID VERANKERD.
Afrikan Srananman, Moksi Afro, Ala Srananman,
WAN SWITI KETI KOTI !!!
******
© Copyright Kabinet van
de President
|
|