Redevoeringen

TOESPRAAK
VAN DE PRESIDENT VAN DE REPUBLIEK SURINAME
ZIJNE EXCELLENTIE RUNALDO RONALD VENETIAAN
TER GELEGENHEID VAN DE JAARWISSELING 2001 -- 2002

Landgenoten,

Aan het einde van het JAAR 2001 en de intrede in het JAAR 2002 kom ik tot U met een korte boodschap van de Regering van Suriname.

Ons Land, in het bijzonder onze hoofdstad Paramaribo, mag zich verheugen in een steeds toenemende populariteit van de wijze waarop het jaareinde wordt gevierd. De Regering brengt hulde aan allen die hieraan hebben bijgedragen en nog bijdragen op het vlak van de ontwikkeling van initiatieven en de uitvoering en beheersing van de programma's om die initiatieven te realiseren.

De Regering juicht deze feestelijkheid van harte toe. Zij brengt, na de bezinning die de adventtijd en dit jaar ook de vastenmaand met zich heeft meegebracht, licht in de harten en de verkwikkende ontspanning die velen helpt om hun weg te vinden naar het begin van het nieuwe jaar.

Voor elk huishouden, elk gezin of bedrijf of instelling, zo ook voor ons Volk, is het echter nodig om bij de jaarwisseling een moment stil te staan bij hetgeen het afgelopen jaar gebracht heeft en bij de verwachtingen ten aanzien van het nieuwe jaar en nog meer de uitdagingen die wij nu tegemoet gaan.

Veelal is men bij de jaarwisseling geneigd zich te concentreren op de vraag wat de Regering van ons Land in de afgelopen periode tot stand heeft gebracht en wat zij heeft laten liggen. Ik kan U verzekeren dat in regeringsverband deze twee vraagpunten alsnog grondig aan de orde zullen komen.

Als Uw President vind ik dat ik echter samen met U, meer het accent moet leggen op de vraag wat wij als volk tot stand hebben kunnen brengen in het JAAR 2001, wat ons tegemoet zal treden, wat wij ter hand zullen moeten nemen in ons streven naar betere leefomstandigheden in ons Land, Suriname.

Daarbij moeten wij onze verrichtingen beoordelen zowel tegen de achtergrond van onze aspiraties zoals wij die een jaar geleden stelden, als tegen de achtergrond van de realiteit die de wereld ons bracht.

En verwacht U niet dat het bij mij erom gaat ons Volk te beoordelen. Het gaat erom dat wij gezamenlijk vaststellen hoever wij gekomen zijn, waar wij nu staan, welke koers wij verder zullen nemen en welke de obstakels zijn die wij mogen verwachten. 

De aspiraties van ons Volk zijn eenvoudig samen te vatten. Wij willen in ons Land voor een ieder een leven: veilig, gezond, met voldoende welvaart, met ruime ontplooiingskansen, en in een klimaat waar recht en wet het kader vormen van ons functioneren en van ons omgaan met elkaar.

Onze veiligheid staat zeer onder druk van de grensoverschrijdende criminaliteit die wordt bedreven door veelal drugsgerelateerde misdaad kartels en van binnenlandse bendes die middels hand- en spandiensten aan genoemde kartels of door hun eigen hebzucht gedreven de vreugde van velen in ons Land verpesten.

Niet zelden probeert men in dit verband de blikken te richten naar een bevolkingsgroep of regio van ons Land, maar de misdaad is overal en in de meest uiteenlopende vormen, en daarom is het nodig dat wij ons allen inspannen, te beginnen in onze eigen omgeving, om de criminelen terug te dringen.

Laat mij tegen de jongemannen en -vrouwen, die zich in uitzichtloosheid gevangen voelen, het volgende zeggen. Kijk goed rond en zie ook hoe jullie broers en zussen en neven en nichten dwars door al de moeilijkheden heen hun bijdrage leveren in het opbouwen van hun land, jouw land, ons land, op tal van posten, hoog en laag. Vanuit de Regering is reeds een initiatief genomen om de ogen te openen van degenen die door dat gevoel van uitzichtloosheid zijn verblind.

Laat ook degenen die zich bedreigd voelen die bijdrage zien en erkennen die wordt geleverd vanuit gestigmatiseerde groepen. Natuurlijk moet U zich waar nodig beveiligen, conform de regels van de legaliteit uiteraard. En waar nodig zal ook de sterke arm nog beter worden ingezet voor de bescherming van have en goed van de eerlijke burgers.

Wellicht vindt U dat wij iets te lang stil zijn blijven staan bij het vraagstuk van de veiligheid in Suriname. Maar de criminaliteit en het daarmee gepaard gaande gebrek aan veiligheid, dreigen onze inspanningen op zoveel gebieden te niet te doen.

Hoewel onze gezondheidszorg veel te leiden heeft van braindrain en van conflicten over salarissen en secundaire arbeidsvoorwaarden, zijn het vooral onze eigen gedragingen en de onbereikbaarheid van de medische zorg die ons de grootste problemen geven. De voorlichting aan jong en oud over de terecht gevreesde ziekte AIDS en haar verspreider HIV zal worden opgevoerd. De strijd tegen MALARIA zal met alle middelen, oude en nieuwe, geïntensiveerd worden. Want dit zijn twee gebieden die veel leed veroorzaken en de kracht van ons Volk ondermijnen.

In ons streven naar uitbanning van de armoede en de opbouw van welvaart voor geheel het volk, heeft de Overheid een aantal condities ingesteld, die voor ondernemers de basis helpen vormen voor nieuwe initiatieven op het gebied van investeringen in onze economie.

De koersstabiliteit en de beteugeling van de inflatie verdienen inmiddels het waarmerk van DUURZAAMHEID en degenen die de kat uit de boom wilden kijken, die moeten zo zoetjes aan genoeg hebben gezien.

De nieuwe investeringswet is nu een feit in Suriname en die geeft aan investeerders de ruimte om met voldoende zekerheid en faciliteiten zaken te doen, in elke sector die een eerlijke en gezonde bijdrage kan leveren in de verdiencapaciteit van ons Volk.
De beurt is nu aan de ondernemers in ons bedrijfsleven, om hun daadkracht te tonen door nu zaken te doen. Er zijn geen redenen meer om zich te beklagen over het ontbreken van daadkracht van de kant van de Regering.

De tijd breekt ook aan voor de Surinaamse arbeidsmacht om haar potentie te tonen en haar productiviteit op te voeren, om aldus met betaalbare kwaliteitsproducten ons land een waardige en vooral leefbare positie te helpen geven in de niet aflatende concurrentiestrijd in onze regio, in onze wereld, die nu constant op onze gemeenschap afkomt.


De positieve resultaten van onze economische activiteit zullen ons in staat stellen om de uitvoering van onze zorg- en ontwikkelingstaken te financieren. Het overgrote deel van hetgeen op dit gebied in het afgelopen jaar is gepresteerd, is geschied op eigen Surinaamse kracht.

De zeer significante ondersteuning die ons vanuit het Garantiefonds in het kader van de Surinaams-Nederlandse Ontwikkelingssamenwerking ten deel is gevallen, is bestemd voor de versterking van de positie van de Centrale Bank van Suriname. 

Telkens als de Regering uit die middelen put, moet zij de tegenwaarde in Surinaamse guldens daartegenover beschikbaar stellen. Een zware opdracht, die echter belangrijk is voor de gezondmaking van onze budgettaire en monetaire positie.

Wij hebben met veel inspanning en offers een begin gemaakt met de verbetering van onze positie bij de schuldeisers, die wij in zo ruime mate hebben mogen erven.

De voorzieningen voor onze ambtenaren, de financiële maar ook de materiële voorzieningen waaronder zij functioneren, behoeven de volle aandacht in verband met benodigde verdere harmonisatie en verdere verbetering waar dat nodig is. 

Wij moeten daarbij wel bereid zijn vanuit de realiteit te praten en te denken, omdat de veel genoemde minimumbezoldiging bij de Overheid ad Sf. 40.000,--
( veertig duizend gulden ) per maand, ons met de vijf veelbesproken toelagen voert naar een niveau van rond de Sf. 350.000,-- ( driehonderd en vijftig duizend gulden ) per maand als minimumbezoldiging. 

Zoals bekend zijn deze onderwerpen in studie en bespreking bij onze Regering en met voldoende wederzijds vertrouwen, zullen in de samenspraak tussen de Regering en belanghebbenden, goede en acceptabele oplossingen gevonden worden.

Landgenoten,

De Rechterlijke Macht blijft een ieder, niet in de laatste plaats de rechters zelf, grote zorgen baren. Er zijn ongetwijfeld punten die op het bord van de Regering liggen en vragen om dringende en spoedige oplossing. Er zijn ook problemen die elders een oplossing moeten vinden. Ook wat die punten betreft stelt de Regering zich tot taak om reeds vroeg in het JAAR 2002 oplossingen te brengen of te helpen bevorderen.
De Regering is zich er zeer van bewust, dat de principes van wet en recht waaronder wij leven en die wij hoog willen en moeten houden onder bedreiging komen wanneer de instantie die de taak heeft om geschillen te beslechten, om overtreders te straffen, om de Overheid tot de orde te roepen wanneer de rechten ven het individu niet geëerbiedigd worden, niet in staat is haar werk goed te doen.

De Regering is zich er ook van bewust, dat de voortvarendheid waarmee De Nationale Assemblee in het jaar 2001 haar werk heeft gedaan, ondanks de ondervonden tegenslagen, niet tot haar recht zal kunnen komen wanneer de Rechterlijke Macht niet goed kan functioneren. Er ligt op dit punt inderdaad een taak die niet langer wachten kan.

Landgenoten,

Samen zullen wij in het JAAR 2002 al deze taken ter hand nemen en met de hulp van de Almachtige tot een goed einde brengen. Samen zullen wij met optimaal resultaat, onze plaats innemen in het kader van het proces van integratie dat zich in snel tempo aan het voltrekken is in onze Caribische regio en in de America's. Samen zullen wij de uitdagingen die in het kader van de globalisatie op ons afkomen tegemoet treden en overwinnen, samen zullen wij onze weg vinden langs de klippen van het toenemend terroristisch geweld in de wereld en de reactie die landen daarop nodig achten.

Samen zullen wij, ook in 2002, verder bouwen aan geluk en voorspoed voor iedereen. 
GODS ZEGEN ZIJ MET U ALLEN !

© Copyright Kabinet van de President